Bridgerubriek 10 jan 2026

Rivaliteit maakt het interessant. Niets is zo saai als je elkaar niet af en toe in de wielen wil rijden. Grote strijd is er steeds tussen de kleuren die elkaar opvolgen. Zeker met de hoge kleuren is het vaak bonje. Twee gevechten op de rand van de afgrond van de laatste clubavond staan hieronder.

De afweging om door te bieden, doubleren of passen is bij de parentelling nog interessanter dan bij viertallen. Laat je de tegenstanders lekker spelen in de manche als jezelf kwetsbaar bent, in paren vecht je om elke centimeter.

Z/NZ
H B
B 9 8 5 4 3
H 9 5
V 6
9 8 7 5 4 3
A V 6 2
- 7
A V B 6 4 10 2
8 4 A B 9 7 5 2
10
A H V 10 6 2
8 7 3
H 10 3
 

Na mijn 1 opening volgt Hans Berkien met 2♠. De kleur is mottig, de verdeling geweldig en na afloop zijn we het eens dat 2 een betere omschrijving van zijn hand geeft.

Maar goed, na 2♠ biedt Matthieu Verhoeven 4 en hoopt stilletjes dat het bieden afgelopen is. Dat is natuurlijk niet zo. Trees Berkien biedt ruim binnen de tien seconden 4♠.

Het is de eerste ronde en ik heb (nog) geen trek in heldendaden. De hartens zijn fraai, de singleton schoppen is een plus, maar de rest en zeker de kwetsbaarheid nodigen niet uit tot 5. Ik pas en dat doet Hans ook.

De captain van de Delta force zit noord en als iemand aan de kaas op zijn brood komt, wordt hij boos. Ondanks het evenwichtige karakter van de hand, de verdedigende kracht en de kwetsbaarheid is de majestueuze troefkleur reden om nog naar 5 te gaan.

Ik houd mijn hart al vast, maar oost-west werpen een blik op noord en passen beleefd. Na schoppen via de boer voor de vrouw probeert oost ook ♠A, maar dat is verkeerd.

Ik troef en haal de troeven, sorry troef op. Klaveren naar de vrouw wordt genomen door oost die lief ruiten inspeelt. West neemt met A en speelt ook V na. Bij oost valt de tien. Ik heb inmiddels een aardig beeld van het spel. West heeft een 6052 en oost een 4126.

Ik win de slag met H en speel alle troeven. West heeft ergens een tweede klaveren afgegooid en in slag twaalf volgt klaveren naar de tien en ♣H voor eentje down.

Een glunderende militair aan de overkant constateert dat 4♠ een leggertje is en -100 daarom een koopje. Zelfs 5♠ is dicht met HB van troef in de knip. Het veld speelt twee keer 5♠X met een upje. Twee keer elf slagen en ook 4♠ precies gemaakt. Aan twee tafels mogen NZ 4 spelen en maken. De passivisten op de OW-stoelen hadden vroegtijdig hun vuurwerk verschoten.

♠A is niet goed in slag twee. 10 leidt tot twee down als west duikt. Een doublet aan het einde van de bieding had dan een bloedneus opgeleverd voor NZ.

Halverwege de avond het volgende voorbeeld:

Z/OW
V B 8 2
H 10 2
H 10 4
H 3
5 4
7 3
9 8 5 A V B 7 4 3
V 9 6 7
B 9 6 5 2 A 10 8 7
A H 10 9 6
6
A B 8 5 3
V 4
 

Alice Tulp opent de zuidhand met 1♠ en Riet Kuipers verhoogt naar de manche. Het 4♠ bod heeft meestal een preëmptief karakter en om die reden waag ik 5. Dat is om meerdere redenen onbezonnen.

Ten eerste spelen NZ niet zo. Het 4♠ bod toont een opening met ten minste drie troeven. Zoals het heurt. Ten tweede is de kwetsbaarheid zeer ongunstig. De tegenstanders kunnen doen wat ze willen en een goede score krijgen.

Alice had de bal door kunnen spelen aan noord die met een doubletje 800 had kunnen oprapen, maar gezien haar 5-5 en korte harten verhoogt ze grootmoedig naar 5♠. We ontsnappen.

Het is maar voor even. Verhoeven start met harten en ik win de eerste slag met B en switch naar troef. De leider haalt onze troeven en incasseert A. In de volgende ruitenronde, die overigens langer duurde dan het bieden, speelt ze 10 in de dummy.

Dat is goed spel. Met twee troeven en lange harten is de kans op een singleton ruiten bij oost enorm en de leider heeft de juiste speelwijze gekozen. Ze speelt de ruiten uit en gooit op nummer vijf een klaveren van de dummy, maar ik krijg ♣A gelukkig nog wel.

Niet dat het veel hielp. Met minder aanwijzingen timmeren de meeste leiders de ruiten van boven en verliezen naast de twee azen nog een slag aan V. Een fikse straf voor ons.