Bridgerubriek 14 maart 2026

Het is soms hard werken op de club om een paar punten te verdienen. De ene week staan ze in de rij om je cadeautjes te geven en de week erna zijn het knieperds van het ergste soort. Zo mochten Joke Smits en Gerrit Stokkers, niet helemaal naar hun wens, in de A-groep meedoen om het veld even te maken en trakteren ons op een ronde van 20%.

Gelukkig zijn er nog meer rondjes, maar het zit vaak tegen. Twee voorbeelden van tegen elkaar opbieden.

W/OW
-
H B 10 5 3
H 9 6 4 3
V 10 6
V B 10 9 8 6 4 2
A 5 3
V 9 6 4
10 A B 8 5 2
H 8 7 9 4
H 7
A 8 7 2
V 7
A B 5 3 2
 

Een achtkaart heeft west, maar niet van het soort waar je kwets tegen niet met 4♠ begint. Meestal zegt dan iemand doublet en door de ongunstige kwetsbaarheid eindig je met een buil op je voorhoofd. Matthieu Verhoeven, oud en wijs, althans zeker het eerste begint voorzichtig met 3♠.

Henri Bruel verzint een doublet met de noordhand en ik verhoog de inzet met 4♠, Nog voor mijn biedkaartje de tafel heeft bereikt, vist Agnes Mulek het 5 bod uit haar biedbak.

Tot mijn verrassing is het bieden nog niet afgelopen, want Matthieu komt nog langs met 5♠. Dat gaat in tegen alle wetten, het vijfniveau behoort aan de tegenstanders en redden kwets tegen niet is zelden lucratief, maar de man zit niet op zijn werk en heeft lak aan al die wetten.

Twee passen volgen snel, begrijpelijk en net zo duidelijk is het strafdoublet van zuid. Henri krijgt het echter benauwd met zijn ondermaatse dubbel en wijkt uit naar 6. We laten dat ongemoeid en na ♠V getroefd, een paar keer troef en de klaverensnit betekent A eentje down en een boze zuid.

5♠ Gaat ook een down en dat is een wereld van verschil. Het veld is verdeeld in twee kampen. De ene groep mag het spel spelen met schoppen als troef, drie keer tien slagen en een keer negen in 3♠(!). De anderen spelen allemaal in harten. Iedereen maakt elf slagen.

Onze 6 min 1, een hoop emotie, was precies midden. De laatste ronde krijgen we deze op het bord:

O/NZ
A V 10 9 3 2
B 6 4
V 8
9 4
5
H
H V 8 A 10 9 7 2
B 9 6 3 5 2
A 10 8 7 6 H V B 3 2
B 8 7 6 4
5 3
A H 10 7 4
5
 

Verhoeven opent de oosthand met 1 en Frans Werkhoven meldt zijn robuuste schoppens. Ik steun mijn maat met 2♠ (drie troeven en minstens 10 punten) en Arthur Hollink steunt zijn maat ook met 3♠.

Dat laatste bod is zeer bescheiden. Een regel zegt dat je met tien troeven samen in een hoge kleur de manche moet bieden. Met elf troeven doe je dat zeker.

Na 3♠ biedt oost 4♣. Zoals hij later verklaart een tweede kleur, zodat ik kan meedenken als de tegenstanders nog hoger gaan. Na de pas van zuid bied ik 4 om te vertellen dat ik de schoppenkleur controleer.

Hollink heeft spijt van zijn initiële 3♠ en biedt nu wel 4♠. Oost past en door mijn 2♠ bod en zijn 4♣ kan ik 4♠ niet uitpassen. Met de dubbele fit is 5 vanzelfsprekend.

De heren zijn uitgeboden en na H en schoppen na, casht noord V en kan mijn maar vrij snel daarna claimen voor een down. Dat ziet er minder erg uit dat het is, want 4♠ is dicht.

Er wordt echter maar een keer 4♠ gespeeld voor de top en drie keer “redden” OW op het vijfniveau. Aan de andere tafels is harten troef. Twee keer tien slagen en een keer twaalf in 3. Een gerechtelijk onderzoek is gestart om te zien of daar geen hand en spandiensten zijn verricht.

De eerdergenoemde Joke Smits en Gerrit Stokkers scoren de top met 5 contract. Het valt te raden wat daar gebeurd is. Een langer verblijf in de A-groep lijkt aanstaande.